In deze tentoonstelling presenteert Bianchi schilderijen waarin kleur, lijn en compositie de dragers zijn van een voortdurende artistieke zoektocht. Zijn werk beweegt zich op het spanningsveld tussen figuratie en abstractie — een spanningsveld dat diep verankerd is in de traditie van het fauvisme.
Het fauvisme ontstond aan het einde van de negentiende eeuw als een radicale breuk met het academische schilderen. Kunstenaars als Henri Matisse en André Derain gebruikten kleur niet langer om de zichtbare werkelijkheid te beschrijven, maar als zelfstandig expressiemiddel om emotie en innerlijke beleving over te brengen. Die bevrijding van kleur en vorm vormt voor Bianchi tot op de dag van vandaag een blijvende inspiratie én uitdaging.
In zijn werk onderzoekt Bianchi hoe figuratieve elementen kunnen bestaan binnen een grotendeels abstract beeld. Elk schilderij is een nieuw antwoord op die spanning, telkens met een andere balans. De composities zijn zowel herkenbaar als vervreemdend: vormen lijken vertrouwd, maar onttrekken zich aan eenduidige interpretatie.
Kleur en lijn sturen het beeld en bepalen de dynamiek, zonder ondergeschikt te zijn aan een concreet onderwerp.
Waar het klassieke fauvisme werd gekenmerkt door directe expressie en spontane kracht, voegt Bianchi een hedendaagse gelaagdheid toe. Zijn werk is minder impulsief, maar intens en onderzoekend. De schilderijen tonen een bewust opgebouwde structuur waarin kleurvlakken, lijnen en ritme elkaar afwisselend versterken en ontregelen.
Deze benadering maakt het werk niet louter fauvistisch, maar neo-fauvistisch: geworteld in een historische stroming, vertaald naar een eigentijdse beeldtaal. Het Neo Fauvisme van Frans Bianchi is een herinterpretatie waarin expressie, reflectie en compositie samenkomen.
